Reddingsbrigade Nederland

Eindbalans zomerseizoen Reddingsbrigade: 7.416 hulpacties, 309 reddingen, 13 doden

Reddingsbrigade Nederland heeft vandaag de eindbalans opgemaakt van het zomerseizoen 2016. In totaal zijn de lifeguards van de reddingsbrigades deze zomer 7.416 keer in actie gekomen. In 309 gevallen was er sprake van een redding uit een levensbedreigende situatie. Zonder hulp van de Reddingsbrigade hadden deze mensen het waarschijnlijk niet overleefd. Er waren 13 slachtoffers te betreuren als gevolg van een zwemrecreatie ongeval. De Reddingsbrigade ziet de zwemvaardigheid in Nederland hard afnemen en roept op tot maatregelen om de alarmerende trend te kunnen keren.

Zwemcultuur verdwijnt, Reddingsbrigade vreest verdere toename aantal slachtoffers

Ondanks een relatief matige zomer qua weersomstandigheden, neemt het jaarlijks gemiddeld aantal reddingen uit een levensbedreigende situatie (304) en het aantal dodelijke slachtoffers van zwemrecreatie (8) opnieuw toe. Tevens neemt het aantal zwemdiploma’s, met name B en C, dat wordt gehaald in Nederland hard af, zoals o.a. blijkt uit het rapport ‘Zwemmen in Nederland’ van het Mulier Instituut. Dat komt onder meer door het verdwijnen van het schoolzwemmen, waardoor kinderen ook al steeds minder ‘zwemconditie’ hebben en sneller in de problemen komen. Deze combinatie van trends vindt de Reddingsbrigade alarmerend. De Nederlandse zwemcultuur verdwijnt in rap tempo en de vrijwilligers van de Reddingsbrigade worden daar steeds vaker mee geconfronteerd. Reddingsbrigade Nederland roept de politiek, gemeenten, ouders, scholen en zwembaden op om de handen ineen te slaan om deze nagatieve ontwikkeling om te draaien voordat er nog meer slachtoffers vallen. 

Voorzitter Jan Rijpstra van Reddingsbrigade Nederland, tevens burgemeester van kustgemeente Noordwijk, ziet het op zijn eigen stranden terug: ‘Kinderen kunnen steeds minder goed zwemmen, helemaal in open water. Hun conditie is slechter en ze kennen de risico’s van stroming bijvoorbeeld niet. Daardoor komen ze steeds vaker in de problemen.’ Rijpstra pleit voor een nieuwe vorm van schoolzwemmen. ‘Ouders, gemeenten, scholen en zwembaden moeten de handen ineenslaan, om tot een formule te komen om de noodzakelijke diploma’s A, B en C te halen en weer regelmatig te zwemmen. De rijksoverheid moet dat stimuleren, zodat de scholen niet extra belast worden en de mogelijkheden worden gestimuleerd om lokaal maatwerk af te spreken.’

Verder valt op dat in 9 van de 13 dodelijke zwemongevallen sprake was van een ongeval op een lokatie die niet is aangewezen als zwemlokatie. Daar is ook geen toezicht en dan kan er ook minder snel hulp worden verleend als iemand in de problemen komt. Ook is opvallend dat in 8 van de 13 dodelijke ongevallen sprake was van een persoon van allochtone afkomst. In de alarmerend dalende diplomacijfers is deze groep ook oververtegenwoordigd. Uit de trends blijkt hiermee ook een sterk groeiende kwetsbare groep mensen in waterland Nederland.

Directeur Raymond van Mourik onderstreept dat deze cijfers in werkelijkheid wellicht nog ernstiger kunnen zijn: ‘Wij presenteren alleen de cijfers die wij zelf registreren. Niet overal in Nederland is toezicht van de Reddingsbrigade en weten we dus niet wat er gebeurt. Die registratie zou landelijk uniform moeten worden. Daarnaast horen we niet altijd de afloop terug als we een slachtoffer na reanimatie overdragen aan de ambulancedienst, in verband met privacyregelgeving. Maar de trends die we signaleren spreken voor zich, het gaat de verkeerde kant op. Daarnaast is de impact van deze ongevallen op onze vrijwillige lifeguards enorm. Elk slachtoffer is een teveel.’

Reddingsbrigade Nederland denkt dat het niet alleen aan ouders overgelaten kan worden om kinderen goed te leren zwemmen. Uit onderzoek blijkt dat veel gezinnnen dit niet kunnen betalen of organisatorisch rond krijgen. Tegelijkertijd zijn de meeste van die gezinnen wel bereid mee te betalen als ze geholpen worden om de kinderen regelmatig te laten zwemmen. Een nieuwe vorm van schoolzwemmen zou in de oplossing kunnen voorzien.

Voorzitter Rijpstra (VVD) roept zijn partijgenoten Schippers (VWS) en Dekker (Onderwijs) op om de handen ineen te slaan en te kijken hoe gestimuleerd kan worden dat kinderen weer goed leren zwemmen. ‘Dat lijkt me net als het verkeersexamen typisch iets wat past om kinderen jong bij te brengen in Nederland.’   

 

De 7.416 hulpverleningen van de Reddingsbrigade in de afgelopen zomer nader gespecificeerd:

-          330 keer hulp aan zwemmers in de problemen;

-          392 keer hulp aan opvarenden (waarvan 172 keer hulp aan kitesurfers);

-          631 kinderen werden herenigd met ouders/verzorgers;

-          5.668 keer werd er eerste hulp verleend; 

-          304 keer assistentie aan overige hulpdiensten;

-          71keer kwam de Reddingsbrigade in actie voor een dier in de problemen.

In totaal was er bij 309 acties sprake van een redding uit een levensbedreigende situatie.


Bijlage bij dit bericht - klik op de afbeelding voor een download van de grafiek.

Gemiddeld aantal reddingen Reddingsbrigade - zomerseizoen 2016   

   Gemiddeld aantal dodelijk slachtoffers zwemrecreatie - zomer 2016



Meer informatie

Kijk snel op de pagina contact.

Nieuwsbrief

Ontvang nieuws en aanbiedingen per e-mail.

* verplicht veld